31 januari 2014

Krimpen torpedeert K6-variant in gesprek met Tweede Kamer

De hoorzitting van de Tweede Kamercommissie over de voorgenomen herindeling van de Krimpenerwaard, vrijdagmiddag in Lekkerkerk, leverde weinig nieuwe inzichten op. Als er al Kamerleden waren die hoopten duidelijkheid te krijgen, dan keerden zij toch terug naar Den Haag met even veel vragen als ze waren gekomen.

Eén ding werd wel duidelijk: als de onwillige bruid Krimpen aan den IJssel, die de voorstanders van de zogenoemde K6-variant er steeds aan de haren bij willen slepen, alsnog bij de procedure wordt betrokken, gaat de discussie over de toekomst van de Krimpenerwaard nog járen duren.
Het was de optie die burgemeester John de Prieëlle van Ouderkerk aan de commissie voorlegde. De gemeenteraad van Ouderkerk heeft in meerderheid een voorkeur voor K6, zei hij, maar alleen als dat snel kan worden gerealiseerd. Per 1 januari 2015 moet de herindeling een feit zijn.
Dat is, volgens D66-Kamerlid Gerard Schouw, een poging die bij voorbaat tot mislukken is gedoemd. ‘Stel dat we dat als Tweede Kamer al zouden willen, dan is er nog de Eerste Kamer die de gevolgde procedure tegen het licht zal houden. En omdat Krimpen niet bij dit wetsvoorstel is betrokken, zal de hele procedure opnieuw moeten. Dat gaat echt heel lang duren.’
Ook SP’er Ronald van Raak temperde de verwachtingen, ondanks het gesputter van De Prieëlle dat er best een ‘bestuurlijke bypass’ mogelijk is als de Kamer dat wil. Van Raak: ‘U wilt allemaal snel trouwen met een onwillige bruid. U vraagt het onmogelijke, dit kan niet op de heel korte termijn.’

Na afloop van de hoorzitting spraken Siem Meij (PvdA Schoonhoven) en Aris Maat (PvdA Ouderkerk) na met PvdA-Kamerlid Roelof van Laar.

Na afloop van de hoorzitting spraken Siem Meij (PvdA Schoonhoven) en Aris Maat (PvdA Ouderkerk) nog even na met PvdA-Kamerlid Roelof van Laar.

De gemeente die het meest werd besproken in het afgeladen gebouw Amicitia in Lekkerkerk, was dus Krimpen aan den IJssel. Uitgerekend de gemeente die níet voorkomt in het wetsvoorstel van BZK-minister Ronald Plasterk. Voorstanders van K6 lieten geen argument onbenut om te betogen waarom Krimpen onlosmakelijk onderdeel van de Krimpenerwaard zou zijn. Maar al die argumenten konden even goed worden gebruikt om het tegendeel aan te tonen. Zo zou een fusie waarbij Krimpen betrokken is, dé oplossing zijn om een krimpscenario voor het gebied te voorkomen. Maar niemand minder dan de burgemeester van Krimpen, de ‘onwillige bruid’ Lennie Huizer, begreep daar niets van. ‘Krimpen zit al tegen zijn grenzen aan, wij kunnen niet groeien. Hoe kunnen wij dan een krimp van de Krimpenerwaard voorkomen?’

Huizer was de laatste in de rij van insprekers en met haar betoog boorde zij iedere hoop op een K6-variant de grond in. ‘Wij zijn tevreden over het wetsvoorstel voor een K5-gemeente’, zei de burgemeester. ‘Wij zien Krimpen niet als de brug tussen het Groene Hart en het stedelijke Rijnmond, wij zien onszelf als de afsluiting van het stedelijke gebied – en daarmee zijn wij de beste waarborg voor het behoud van het Groene Hart. Krimpen is al jaren onderdeel van de Rotterdamse regio, wij spelen een actieve rol in de vorming van de regio Rotterdam-Rijnmond. Wij zijn daar belangrijke zaken aan het afronden, laat ons dat niet verliezen.’
Op de vraag van SP’er Van Raak of zij bereid was de inwoners van Krimpen naar hun mening te vragen, antwoordde Huizer: ‘Daar wil ik best over nadenken. Maar als ik ze de vraag voorleg wat ze willen: een zelfstandige rol blijven spelen in de Rotterdamse regio, of opgaan in een gemeente Krimpenerwaard, dan weet ik het antwoord al. Daar heb ik geen referendum voor nodig.’

Dat Krimpen veel meer bij het stedelijke Rijnmond hoort dan bij het landelijk gebied, was ook PvdA-Kamerlid Roelof van Laar opgevallen. Als enige Kamerlid was hij niet met de speciaal voor de gelegenheid gehuurde touringcar gekomen, maar met eigen vervoer. ‘Ik had pas de indruk dat ik de Krimpenerwaard binnenreed toen ik Krimpen achter me had gelaten.’

Uiteindelijk gingen de Kamerleden weer naar huis met ‘stof tot nadenken’, zoals delegatieleider Madeleine van Toorenburg twitterde. Daar hebben ze nog een paar dagen de tijd voor, want 10 februari willen ze in gesprek met minister Plasterk om waar nodig nog toelichting op zijn wetsvoorstel te vragen. Waarschijnlijk in april wordt het vervolgens plenair behandeld in de Tweede Kamer.

Te weinig tijd voor houden burgerraadpleging (Het Kontakt, 6 februari 2014)  
Oproep K5: Inwoners denk mee
(AD Gouda, 5 februari 2014) 
‘Vorming K6 op korte termijn bijna onmogelijk’
(Het Kontakt, 4 februari 2014) 
K6 is nog ver weg
(IJssel- en Lekstreek, 5 februari 2014) 
‘We hebben niets met de Krimpenerwaard’
(AD Rotterdam Oost, 1 februari 2014)