21 mei 2013

De Nieuwe Regio met de blik op Europa

Onlangs is het rapport van de commissie-Hendrikx ‘De drang naar groter, de hang naar kleiner’ gepresenteerd. Het bevat aanbevelingen over de vraag in welke vorm (bestuurlijke) samenwerking in en rond Midden Holland de economische kracht van het gebied kan versterken.

De Regio Midden Holland werd al eerder verblijd met rapporten die het hoofd bogen over de toekomst van het gebied. De aanbevelingen van ‘Leemhuis’ (specifiek voor de Krimpenerwaard) en van ‘Van den Berg’ liggen nog vers in het geheugen. Cynici zullen ‘Hendrikx’ al snel in de onderste bureaula zien belanden. Op een paar verheugende uitzonderingen na zijn de aanbevelingen van de eerdere rapporten daar immers ook beland, mede omdat er op politiek – bestuurlijk niveau geen overeenstemming over de gewenste koers kon worden bereikt.

Is het rapport van de commissie-Hendrikx dan de bekende nieuwe wijn in de bekende oude zakken? Volgens mij niet. Een belangrijk en fundamenteel verschil met de andere rapporten is het blikveld, dat Hendrikx heeft gekozen. De Nieuwe Regio kan zich alleen positioneren en profileren als zij de luiken naar de buitenwereld opent. Die buitenwereld bestaat uit het Groene Hart, de Zuidvleugel, de provincie Zuid-Holland én de Europese Unie.
De verwijzing naar de laatste is absoluut nieuw: voor het eerst wordt in een rapport over de regio de EU expliciet genoemd als ‘omgevingsfactor’, die in belangrijke mate bepalend is voor de toekomst van de regio. Bepalend, omdat de EU de regio’s steeds meer ziet als de motoren voor economische ontwikkeling en werkgelegenheid. Het is dan ook geen wonder, dat de EU Europese fondsen en programma’s beschikbaar stelt om deze opgaven in de regio te helpen realiseren.

Het is van de commissie-Hendrikx dan ook een slimme zet ‘Europa’ met het nodige gezag op de politieke en bestuurlijke vergadertafels te leggen. In het recente verleden zijn ook al eens pogingen gedaan ‘Europa’ in regionaal verband op de kaart te zetten. Door financiële problemen, maar vooral door het ontbreken van het gevoel van urgentie is dit proces voortijdig beëindigd.
Hendrikx geeft weer een slinger aan het Europese wiel door te stellen dat een actieve opstelling nodig is. Zelfs meer dan nodig, want het Rijk en de provincie zijn inmiddels druk bezig vast te stellen waar de Europese subsidies uit de Structuurfondsen in de periode 2014-2020 aan besteed gaan worden. Voor de regio is daarom de nodige haast geboden de lobby in te zetten om Europees geld voor haar regionale strategische opgaven beschikbaar te krijgen.
Gebeurt dit niet, dan vloeien de middelen naar andere regio’s en sectoren, of in het ergste geval terug naar Brussel, ook zonder de Fyra. En dat zou een herhaling van zetten zijn, want uit onderzoek van Binnenlands Bestuur blijkt dat in de afgelopen jaren alleen al gemeenten 3 miljard euro aan Europese subsidies hebben laten liggen! Dat wil je toch niet nog eens meemaken!

Europa is geen incident, maar zit in alle haarvaten van de Nederlandse samenleving, dus ook in Midden-Holland. Dit impliceert, dat ‘Europa’ structureel in ‘De Nieuwe Regio’ op een centrale plek moet worden ingebouwd. Vanuit die centrale plek kan de integrale aanpak van de economische agenda worden bewaakt, de samenwerking tussen overheden, ondernemers en onderwijs (een voorwaarde voor Europese subsidies!) worden georganiseerd, kennis en deskundigheid over Europese fondsen en beleid worden gebundeld en de lobby naar subsidieverstrekkers worden georganiseerd.
Alleen met zo’n gecoördineerde benadering en werkwijze, die door alle relevante spelers op het speelveld van De Nieuwe Regio gedragen wordt, kan optimaal worden geprofiteerd van de kansen die de EU te bieden heeft.

Henk Letschert

Henk Letschert adviseert en ondersteunt gemeenten bij het aanvragen van Europese subsidies en bij het ‘Europaproof’ maken van de organisatie.

(Bron van dit bericht)

Commissie-Hendrikx: Herindeling is enige optie